Natuurmonument De Beer

De geur van vlierbloesem en kamperfoelie en vogelgezang

Wanneer ik deze combinatie ruik en hoor, ben ik weer terug in mijn vroegste jeugdjaren op natuurmonument de Beer. Tegenwoordig wordt ik meestal met een vage blik aangekeken wanneer ik vertel waar ik ben geboren. Als jongste dochter van Wabe Korfmaker werd ik geboren in het witte huis met het rieten dak aan de Waterweg. Vanaf dat ik kon lopen dribbelde ik achter mijn vader aan langs het strand aan de Waterweg en de paadjes en de meeuwen kolonie op de Beer.

Jonge Anneke op De BeerZo leerde ik spelenderwijs van alles over de natuur. Er waren ook altijd dieren in mijn leven. We hadden een kat en twee tamme kauwtjes en een geit en er was altijd wel een beest dat bij ons opgelapt werd. Op bijna alle foto’s uit mijn jeugd sta ik wel met een gewonde vogel in mijn handen. Van roodborstje tot ja, zelfs een flamingo! Naarmate ik ouder werd zocht ik het ook wat verder weg. Zo ben ik ook enkele keren van de steiger geplukt op weg naar het bootje van Arie Prins. Ik was slechts drie jaar en mijn moeder zag me vanuit het keukenraam op de steiger lopen. Ik kan me haar paniek wel voorstellen en hoor haar weer zeggen 'wat ben je toch een ongehoorzaam kind'.

Was het er niet eenzaam wordt me wel eens gevraagd. In de zomer zeker niet. We hadden altijd aanloop van mensen die een kaartje aan de deur kwamen kopen of in de keuken kokmeeuwen eieren kwamen eten (en ja, die zijn lekker). Verder hadden we vaak mensen in pension en in vakantiehuis 'de Aenstoot' waren altijd wel kinderen om mee te spelen. In augustus kwamen de 'bramenplukkers' en dan plukte ik graag mee. De winter was een ander verhaal, hoewel er natuurlijk altijd vogelaars kwamen. Als kind leer je dan wel om je zelf te vermaken en creatief te zijn.

De verhuizing

Op een gegeven moment was daar de dag dat we gingen verhuizen van het witte huis aan het water naar het groene huis op de zuidpunt van De Beer. Ik mocht met de kat op schoot voorin in met de verhuiswagen mee herinner ik me. Waarom we gingen verhuizen zal me toen nog niet helemaal duidelijk zijn geweest als vierjarige.

Ook jachtopziener Pols, het echtpaar Stehouwer en het gezin Haasnoot verhuisden naar de zuidpunt. Zelfs aan de vakantiegangers van 'de Aenstoot' was gedacht want er werd een bunker uitgegraven en daar werden vakantieverblijven ingericht. Via een pad dat van ons huis naar de bunker liep kon er dus weer volop gespeeld worden in het zomerseizoen.

In het begin leek er niet zoveel veranderd te zijn. Er was nog steeds natuur, ik dribbelde met de excursies mee of liep met vader zingend door de paden. In de winter leerde ik schaatsen achter een stoel op een plasje op het groene strand. Een lieve herinnering heb ik aan 'tante' Stien Stehouwer waar ik elke zondag een flesje appelsap mocht komen drinken. Soms mocht ik een bosje 'slaapmutsjes' plukken voor thuis. In de tijd dat ik leerplichtig werd begon het langzamerhand tot me door te dringen dat er iets aan het veranderen was in mijn natuurlijke speeltuin. De dreigende geluiden van draglines en bulldozers kwamen steeds dichterbij en op de achtergrond kleurde horizon zwart van de rook van met oude autobanden aangestoken bossages. Bunkers werden opgeblazen met dynamiet en vooraf werd netjes gevraagd of het meisje wel binnen was. Nog steeds zwierf ik meestal in het veld. De Beer veranderde steeds meer in een zandvlakte en de brandende bosjes lagen nu zo’n beetje achter onze voordeur. Elke keer wanneer ik van school naar huis fietste waren de zandvlaktes
groter.

Mijn vader veranderde langzaam van een vrolijke zanger in een gefrustreerde 'roepende in de woestijn' zoals hij dat benoemde. Verbitterd dat zijn vogelparadijs naar de verdommenis was geholpen.

De tweede verhuizing

In 1964— ik was toen acht — verhuisden we naar de Krimweg bij het Brielse meer. Hier lag nog een stukje natuur van 14 ha wat later De Kleine Beer werd. Toch maakte mijn vader er weer wat van. Er werden paden gemaakt en een brug en er werden weer wat excursies georganiseerd. Het gebiedje werd bekend om de grote hoeveelheid parnassia en orchideeën. Ook gaf mijn vader door het hele land lezingen met zijn dia’s van De Beer zodat, naar hij hoopte, de herinnering niet verloren zou gaan. Ironisch was dat we later vanuit onze achtertuin zicht hadden op de BP-raffinaderij die op 'zijn' Vogeleiland was gebouwd.

Vele keren ben ik inmiddels verhuisd in mijn leven. Maar . . . bij de geur van vlierbloesem en kamperfoelie en vogelgezang, ben ik weer even kind op De Beer.

 

Ann den Bakker-Korfmaker

 

Logo

Laatste wijziging

1 december 2023

De woningen

De Blencken

Het huis aan de Nieuwe Waterweg

 

De jonge Anneke

Detail van de bovenstaande foto:
de jonge Ann bij het huis

 

Het huis aan de zuidkant van De Beer

Het tweede huis lag aan de zuidkant van De Beer.

 

Het huis aan de krimweg

Het huis aan de Krimweg