EditRegion4

De Beer rond 1880

[Laatste wijziging: 3 jun 2015]

De Beer rond 1880 laat landschappelijk niet veel interessants zien. Duinen zijn er nauwelijks. Volgens de kaart is er aan de noordkant enige begroeiing. Onder de zuiderpier heeft al landaanwas plaatsgevonden. De Afgedamde Scheur zal later gedempt worden. Het water aan de zuidkant met de naam Pan of Krim zal langzamerhand verlanden. De Beer was in deze tijd nauwelijks bereikbaar.

Hoe onherbergzaam het was in de (winter)tijd voordat de Nieuwe Waterweg werd gegraven, weten we door het boek 'Historische landschappen' van Hofdijk uit 1856. Hofdijk schrijft, in enigszins gezwollen taal: 'Wanneer een stormachtige winter over onze kusten vaart, wikkel u dan dicht in uw warmen pels, en ga naar den eenzamen Hoek-van-Holland, waar de gezwollen Maasstroom en de wilde zee elkander het bezit van de dorre strandkaap betwisten; waar de naakte, geelgrauwe zandvlakte, rimpelig en doorweekt, siddert en trilt onder den dubbelen golfslag, die haar beroert en met vlottend schuim overspat; waar nu de trotsche rivier, schuimend voorwaart bruisende, glinsterende ijsschotsen heenzweept over den valen grond, of ze met toornigen kracht van zich werpt en half inboort in het zand, als wilde zy zich gedenksteenen oprichten van hare ontstokene gramschap; maar waar dan de grimmige oceaan met zijn volle reuzensterkte den verwaten indringer te rug geeselt, kookende baren, wel te recht branding genoemd, donderend neerstort en heenzwalpt verre over de grenzen van zijn oud gebied, de glinsterende gedenkteekenen in sterven voor zich heen spat en alles verwoest, alles overdekt met zijne grauwe wateren, waarboven een enkele schrale duintop zich nog hier en daar verheft, als de verstijfde hulpkreet van den verzonken bodem; waar dan de grijze nevel zich zo dicht uitrolt over dien somberen chaos, dat zelfs de oude meeuwen de listige rave zich met treurig gekras en trage wiekslag verwijderen van het oord, waar ook hun gescherpte blik zich het noodige voedsel niet weet op te sporen. Het is de ontzettende stemme der wateren, die er wordt gehoord maar die u toeropet, dat het bewuste leven er zelfs geene plaats meer heeft'. Erg vriendelijk klinkt het in ieder geval niet.

Topografische kaart 1880